Ontoegankelijkheid haltes openbaar vervoer onaanvaardbaar

 

90% van onze bus- en tramhaltes zijn niet toegankelijk voor mensen met een motorische beperking zonder assistentie. 73% zijn zelfs niet toegankelijk met assistentie. Vlaams Parlementslid Orry Van de Wauwer verwijst naar het Vlaamse regeerakkoord dat expliciet inzet op de toegankelijkheid van het openbaar vervoer voor mensen met een beperking: “Maar de resultaten blijven uit. Daardoor wordt mensen hun recht op mobiliteit ontnomen.” Van de Wauwer wil een versnelling van de inspanningen door de Vlaamse Regering, De Lijn en de lokale besturen. In een conceptnota legt hij concrete maatregelen aan het parlement voor.

In het Vlaamse regeerakkoord 2014-2019 verbindt de Vlaamse regering zich ertoe te investeren in de toegankelijkheid en bereikbaarheid van stations, perrons, haltes en de voertuigen voor personen met een beperking. Ze belooft ook om lokale besturen te stimuleren aan de hand van het Vademecum Voetgangersvoorzieningen om te investeren in obstakelvrije comfortabele voetpaden en een kwaliteitsvolle publieke ruimte. Orry Van de Wauwer stelt echter vast dat er in het veld weinig vooruitgang wordt geboekt: 

Wat de voertuigen betreft zitten we op het juiste spoor, maar zowel de halte-infrastructuur, als de toegankelijkheidsinformatie voldoen absoluut niet. Dit moet echt beter.”

Van de Wauwer legde daarom een conceptnota met concrete voorstellen om snel aan de situatie te verhelpen neer in het Vlaams Parlement.

>> De haltes beheerd door het Agentschap Wegen en Verkeer moeten schoolvoorbeelden zijn. Zij worden versneld toegankelijk gemaakt.

>> Lokale besturen worden nu vrijblijvend gesensibiliseerd om de haltes in hun beheer toegankelijk te maken. Een incentive moet komaf maken met die vrijblijvendheid. Subsidie voor de inrichting van openbaar vervoerhaltes wordt afhankelijk gemaakt van conformiteit aan de toegankelijkheidsvereisten.

>> Naar analogie met onze buurlanden wordt een meerjaarse evaluatie van de toegankelijkheid van onze infrastructuur door een externe partner georganiseerd. De Lijn is daardoor niet langer rechter en partij.

>> Auditieve en visuele halte-aankondiging in voertuigen, en duidelijk waarneembare toegankelijkheidssymbolen aan de haltes en in de voertuigen werken drempelverlagend.

>> Toegankelijkheidsgegevens zijn vandaag eerder uitzonderingsinformatie in de online-routeplanner van De Lijn. De toegankelijkheidssymbolen moeten standaard deel uitmaken van de halte-informatie.

>> Een structureel partnerschap tussen De Lijn en gespecialiseerde partners uit het middenveld (o.a. Inter vzw), zorgt voor een permanente en representatieve toetsing van de prioriteiten en resultaten van het toegankelijkheidsbeleid. Het vervangt de intransparante werking met een door de minister van mobiliteit samengestelde groep individuen. 

>> Tot alle haltes en voertuigen toegankelijk zijn en reservatie voor een rit nodig blijft, moet de reservatieprocedure eenvoudiger en toegankelijker gemaakt worden. Het is niet meer van deze tijd om enkel telefoon of fax aan te bieden als contactmethode. Nieuwe technologieën bieden ruimere en klantvriendelijkere mogelijkheden.

>> De reservatietermijn wordt verkort van 2 naar 1 uur, naar analogie met De Lijn Limburg.

 Orry Van de Wauwer: “Mobiliteit is een basisrecht, ook voor mensen met een beperking. Het Vlaamse openbaar vervoer blijft wat dat betreft ernstig in gebreke en beknot mensen in hun bewegingsvrijheid. Dat is onaanvaardbaar. Vlot naar het werk, een vrije tijdsbesteding, familie of vrienden … Dit moet snel stukken beter kunnen. De tijd van vrijblijvendheid is voorbij. Alle bestuursniveaus moeten aan de slag.”

 

CIJFERMATERIAAL 

·     Bus- en tramhaltes

  •  89,56% ontoegankelijk voor personen met een motorische beperking zonder assistentie
  • 73,14% ontoegankelijk voor personen met een motorische beperking met assistentie
  • 95,27% ontoegankelijk voor personen met een visuele beperking
  • 96,44% ontoegankelijk voor personen met een motorische en visuele beperking

·     Voertuigen stads- en streekvervoer (eind 2017)

  • 95,2% van de bussen zijn toegankelijk voor personen met een beperkte mobiliteit
  • 53,1% van de trams is rolstoeltoegankelijk
  • Ambitie: tegen 2020 volledige toegankelijkheid voor rolstoelgebruikers op bussen, en 85% toegankelijkheid op trams

Mijn wildste droom voor onze stad: Antwerpen slim & groen!

Mijn wildste droom voor Antwerpen is om van onze stad dé groene en slimme hoofdstad van Europa te maken. Een moderne stad waar functionaliteit, duurzaamheid en esthetische aspecten in elkaar overvloeien en we alle bestaande technologie toepassen om het leven van onze inwoners te vergemakkelijken. Data en technologie zijn beschikbaar, het is een kwestie van dit juist in te zetten ten dienste van de inwoners. Zo denk ik aan een slimme afvalverwerking via sensoren en afvalstraatjes, parkeerplaatsen die gereserveerd kunnen worden en vrij komen zo gauw de aangemelde nummerplaat in de straat rijdt, navigatieapps die alle verkeersstromen in de stad in real-time weergeven. Niet enkel voor wagens maar zeker ook voor fietsers. Zij krijgen een veilige plaats in de stad door het centrum autoluw te maken. De bevoorrading van winkels organiseren we ’s-nachts via cargotrams in bulk en overdag met kleinere elektrische camionetten of fietskoeriers. Ook je eigen aankopen kunnen hiermee naar je wagen gebracht worden, die aan de rand van de stad geparkeerd staat en vlot bereikbaar is per metro. Maar ook door allerhande verfijnde ingrepen maken we onze stad duurzamer. We voorzien alle publieke gebouwen van rustgevende geveltuinen die maximaal luchtvervuiling omzetten. En we stimuleren daktuinen voor waterinsijpeling. Onze daken bieden nog enorm veel potentieel naar ruimte toe. We kunnen zo Antwerpen niet alleen extra vergroenen, maar deze ingrepen ook gebruiken om aan energieopwekking te doen op kleine, lokale schaal. Kleine windturbinebomen, gebruik maken van de aanwezige waterbewegingen (afwatering, dakgoten,…), zonnepanelen op publieke gebouwen,… Dit is allemaal al mogelijk, dus een wilde maar haalbare droom!

WildsteDroom

Stoppen er weldra twee trams tegelijk aan uw halte?

Vlaams parlementslid Orry Van de Wauwer (CD&V) wilt dat Antwerpen een versnelling hoger schakelt als tramstad. Er zal verder onderzocht worden om in de toekomst meerdere trams tegelijk halt te laten houden aan de ondergrondse haltes van het premetronetwerk. Dat blijkt uit een vraag van de volksvertegenwoordiger aan Vlaams minister voor mobiliteit Ben Weyts (N-VA).

De stad Antwerpen is de trotse bezitter van een uniek premetronetwerk, met 12 actief bediende stations. De meeste stations beschikken over een perron van 60 meter, maar de stations in het centrum van de stad beschikken over perrons van 90 meter (Groenplaats, Meir, Opera, Astrid, Diamant). De trams die momenteel rijden variëren in lengte van 15 meter (de PCC tram), 29,60 meter, (de Hermelijntram) en 31,4 meter of 42,7 meter (de Albatrostram). De langste trams kunnen met andere woorden zonder grote problemen met twee aan de perrons van 90 meter staan. Toch geldt momenteel het principe dat alle trams vooraan het perron stoppen. Bijgevolg blijft een tweede tram wachten in de koker als er reeds een tram aan het perron stilstaat.

Volgens Van de Wauwer gaat vaak heel wat tijd verloren bij het instappen en uitstappen van de tram. “Zeker tijdens de spitsuren moeten trams vaak langer blijven stilstaan omdat er veel mensen het voertuig willen betreden, de deuren herhaaldelijk niet toegaan door het grote aantal passagiers, etcetera. Ondertussen staat de volgende tram nog in de koker aan te schuiven om hetzelfde scenario herhaald te zien. De echte oplossing is uiteraard de vervoerscapaciteit van het netwerk verhogen zodat mensen comfortabel op de tram geraken. Een tweede voertuig al aan het perron laten komen ken dergelijk tijdsverlies echter al neutraliseren als korte termijn oplossing. Minister Weyts beaamt deze denkpiste, en wilt een systeem onderzoeken waarbij twee trams tegelijk tot aan het perron komen. Infrastructureel is dit al mogelijk aangezien de perrons reeds voorzien zijn van signalisatie voor twee stopplaatsen en de perrons lang genoeg zijn. Technisch is er wel een obstakel, namelijk het reizigersinformatiesysteem. Wanneer twee trams aan het perron halt houden, moeten de reizigers immers weten of ze zich vooraan het perron voor de eerste tram of in het midden van het perron voor de tweede tram moeten opstellen. De nodige update voor accurate reizigersinformatie wordt tegen de zomer verwacht, waarna dit scenario onderzocht zal worden.

De tweede tram zal altijd een tijd moeten wachten aan het perron om genoeg afstand op te bouwen tot de voorgaande tram, maar de dienstverlening wordt vlotter gemaakt aangezien er meer tijd is om in en uit te stappen op het tweede voertuig en deze ook direct kan vertrekken bij het groene sein” stelt parlementslid Van de Wauwer, “Er zijn nog andere voordelen. Het is bijvoorbeeld enorm frustrerend als je moet overstappen op een tram, die je ziet rijden voor de tram waar je op zit. Momenteel geraak je daar niet op. Door twee trams aan het perron te doen stoppen wordt niet enkel de dienstverlening verbeterd, maar ook de mogelijkheid om over te stappen wordt zo geoptimaliseerd.”

O.a. Het Laatste Nieuws, Gazet van Antwerpen en ATV berichtten over dit initiatief.

image1

Discussie in het parlement over innovatieve partnerprojecten

In de vorige editie van de nieuwsbrief van de Federatie sociaal-cultureel werk kon je lezen dat sociaal-culturele organisaties bij de toekenning van de innovatieve partnerprojecten op een muur botsten.  Dit ontging ook minister Gatz en de commissie cultuur van het Vlaams Parlement niet.  Op 1 februari vroeg Orry Van de Wauwer (CD&V) minister Gatz naar de oorzaak van de vreemde verhouding tussen de verschillende sectoren in de toekenning van de subsidies.   

Veel sociaal-culturele indieners, weinig toekenningen

Ondanks de korte indienperiode (tijdens de zomer van 2017) toonden zich vele gegadigden voor deze projectregeling. In totaal vroegen 45 organisaties subsidies aan, waaronder 12 - meer dan een kwart dus - met een duidelijke sociaal-culturele insteek. Uiteindelijk kregen 19 organisaties een subsidie toegewezen, maar wat blijkt? Amper eentje daarvan is sociaal-cultureel. Een verrassend resultaat dat om de nodige duiding en bijsturing vraagt, zo dacht ook Orry Van de Wauwer:"De Federatie vraagt of de sociaal-culturele sector collectief de opdracht niet begrepen heeft, of dat er iets mis liep met de procedure en beoordeling. Wat is uw standpunt hierover, minister? In 2018 zal er opnieuw een oproep worden gelanceerd. Zal de eerste projectoproep worden geëvalueerd en bijgestuurd zodat alle culturele sectoren meer kans maken om innovatieve partnersubsidies te bekomen en ook de maatschappelijke innovatie van sociaal-cultureel werk de erkenning krijgt die het verdient?"

Minister Gatz: "geen extra speeltuin van de kunstensector"

In zijn antwoord geeft de minister een uitgebreid overzicht van de totstandkoming van het oordeel van de beoordelaars. Deze nuttige informatie kan je terugvinden via de link onderaan dit artikel (volledig commissieverslag). Daarnaast geeft minister Gatz aan werk te willen maken van de nodige evaluatie en bijsturingen:  " Enig ongemak is mij ook niet vreemd met betrekking tot uw vraag. Het is misschien niet helemaal zoals het bedoeld was. Maar het heeft wellicht voor een deel met de communicatie van de nieuwe lijnen en verwachtingspatronen te maken. Ik ga ervan uit dat we, met wat we nu weten, in de volgende oproepen de evenwichten tussen de subsectoren kunnen versterken. Dat is wel degelijk de bedoeling. Om het nu met een andere uitsmijter te zeggen, voorzitter: het is niet de bedoeling dat dit een extra speeltuin van de kunstensector kan worden. Ik heb, zoals iedereen in deze zaal, niets tegen de kunstensector, maar we zouden ervoor moeten kunnen zorgen dat die partnerprojecten, die partnerschappen, ruim genoeg gaan."
 
De aanzet tot bijsturing en evaluatie wordt positief onthaald door de parlementsleden. Orry Van de Wauwer vraagt zich terecht af wat er met het advies van de SARC is gebeurd, meer bepaald bij de samenstelling van de beoordelingscommissie: " De Strategische Adviesraad voor Cultuur, Jeugd, Sport en Media (SARC) heeft een advies gegeven in mei 2017, naar aanleiding van de start van de oproep. Wat is daarmee gebeurd? Werd daar rekening mee gehouden? Zijn er bij de experten die de beoordeling doen ook externe experten betrokken geweest, of is het gebleven zoals het oorspronkelijk gepland was, met enkel experten vanuit het departement zelf?" De minister beloofde hierop schriftelijk te antwoorden.
 
De Federatie kijkt uit naar de evaluatie van dit reglement en hoopt dat de sociaal-culturele organisaties even gemotiveerd blijven om deel te nemen aan de tweede oproep die later dit jaar zal volgen. 
Het volledige commissieverslag met meer duiding bij de beoordeling en de volledige tussenkomsten van Orry Van de Wauwer (CD&V), Marius Meremans (N-VA) en Bart Caron (Groen) kan je nalezen via deze link.

Artikel van de wesbite van De Federatie. 

15 jaar homohuwelijk in België

Op 13 februari 2003 werd België het tweede land ter wereld waar het mogelijk werd voor twee personen van hetzelfde geslacht om met elkaar te trouwen. Deze historische wet betekende een belangrijke stap vooruit voor de rechten van holebi’s in België. Een stap vooruit die 15 jaar geleden vanuit de oppositie door CD&V gesteund en mee goedgekeurd werd. Omdat we als partij iedere liefdesrelatie tussen twee personen gelijk behandelen én beschermen.


Deze zomer nog trad Vlaams parlementslid Orry Van de Wauwer in het huwelijksbootje met zijn vriend Steve. “Als jong koppel was het voor ons vanzelfsprekend dat wij zouden trouwen, en we weten dat we ook ooit kinderen zullen hebben. Maar dit is helemaal niet zo vanzelfsprekend. Hier is een lange strijd van holebi-emancipatie aan voorafgegaan, en de politieke moed 15 jaar geleden van verschillende partijen om dit recht te verankeren”, stelt Van de Wauwer.

trouw-steve-orry-139-of-282-klein

“Steve en ik, en al die andere holebikoppels, hebben het grote geluk om in deze tijd in dit deel van de wereld te wonen. Het is belangrijk om te beseffen welk voorrecht we hebben, en vanuit dit besef ook mee te strijden voor gelijke rechten voor andere minderheden, hier in België maar ook elders in de wereld”, besluit hij.

Adoptie

Ook naast het holebihuwelijk hebben de Vlaamse christendemocraten in het verleden meermaals een voortrekkersrol gespeeld om de rechten van niet enkel holebi’s, maar de gehele LGBT-gemeenschap te beschermen.

Zo steunt CD&V homoseksuele koppels die voor een duurzame relatie kiezen in hun wens om kinderen te kunnen adopteren. Daarnaast worden kinderen die geboren worden in een lesbische relatie ook dankzij onze partij mee op gelijke voet geplaatst met kinderen uit een heterorelatie. De echtgenote van de moeder van het kind wordt namelijk automatisch meemoeder en indien het koppel niet gehuwd is, kan de meemoeder het kind gewoon erkennen. Hierdoor werd in 2015 een langlopende adoptieprocedure overbodig.

Verder zijn dankzij minister van Justitie Koen Geens recent ook de voorwaarden voor een juridische geslachtswijziging gedemedicaliseerd. Zo moeten transgenders die juridisch van geslacht willen veranderen nu enkel nog een administratieve procedure volgen en worden ze niet langer verplicht tot medische ingrepen. Transgenders die fysiek het andere geslacht willen aannemen, kunnen de medische ingrepen ondergaan, maar ze worden hiertoe niet langer verplicht. 

Regenboognetwerk

Binnen CD&V houdt het CD&V-regenboognetwerk zich bezig met holebi- en transgenderthema’s. Het netwerk staat open voor alle CD&V-leden met belangstelling rond deze thematiek. Ben je geïnteresseerd in de werking van het regenboognetwerk of heb je vragen rond een bepaald thema? Stuur dan een mailtje naar This email address is being protected from spambots. You need JavaScript enabled to view it.  en we helpen je zo snel mogelijk verder!

Artikel van CD&V Nationaal: https://www.cdenv.be/actua/15-jaar-holebihuwelijk-in-belgie/